NVBU behartigt de belangen van bouwbedrijven actief in de burgerlijke en utiliteitsbouw

 

Noordelijke Vereniging
Burgerlijke & Utiliteitsbouw
Kloosterstraat 12
7963 AH Ruinen
 
Postbus 33
7963 ZG Ruinen
 
info@nvbu.nl
Telefoon 0522 470339
Fax 0522 470557
 

Alles over de Vorst-WW

Vorst WW regeling winter 2011/2012

Vanwege de crisis, die langer duurt dan verwacht, hebben sociale partners Bouwnijverheid twee aanvullende crisismaatregelen genomen. Werkgevers en werknemers in de bouw- en infrasector kunnen vanaf 10 november 2011 gebruik maken van de vorst-WW en de 'Tijdelijke vergoeding pensioenpremie wegens ontslag' is met een jaar verlengd.

Om de financiële schade bij een extreem strenge winter en een lange vorstperiode voor werkgevers te beperken, hebben partijen bij de CAO voor de Bouwnijverheid (Bouwend Nederland, Aannemersfederatie, OBN, Vereniging van Waterbouwers, NVB, FNV Bouw en CNV Vakmensen) hun cao tussentijds gewijzigd. Wanneer vanwege of ten gevolge van vorst niet kan worden gewerkt, wordt een beroep op vorst-WW onder strikte voorwaarden mogelijk voor zowel bouwplaats- als uta-personeel. De nieuws tekst van artikel 20b

Het risico van vorst komt de eerste 22 dagen voor rekening van de werkgever. Wanneer er op deze dagen niet kan worden gewerkt, betaalt de werkgever het loon voor 100% door.

Voor de vorstdagen boven het aantal van 22 waarop vanwege of ten gevolge van vorst niet wordt gewerkt, kan de werkgever namens de werknemer bij het UWV een WW-uitkering aanvragen. De werkgever betaalt de werknemer een aanvulling op de WW-uitkering tot 100% van het loon.

Gedurende deze bijzondere WW-periode blijft het dienstverband van de werknemer ongewijzigd in stand. Het gaat ook niet ten koste van de reeds opgebouwde WW-rechten van de werknemer.

De premieafdrachten aan de bedrijfstakfondsen moeten op normale wijze worden voldaan.

Cao-partijen onderstrepen dat deze tijdelijke regeling voor vorst-WW slechts in uitzonderlijke gevallen en onder strikte voorwaarden kan worden toegepast. Het UWV gaat onder andere door controles toezien op een correcte naleving van de voorwaarden en uitvoeringsbepalingen.

Als tweede crisismaatregel hebben cao-partijen besloten de 'Tijdelijke vergoeding Pensioenpremie wegens ontslag' te verlengen tot eind 2012. Deze regeling is bedoeld voor werknemers die 3 jaar voor de standaard uittreedleeftijd worden ontslagen om bedrijfseconomische redenen. Voor deze werknemers betaalt de sector maximaal 3 jaar de pensioenpremie voor de Aanvullingsregelingen. Hierdoor behouden deze werknemers ondanks het ontslag hun aanvullingsrechten en kunnen zij op de standaardleeftijd uittreden.

Tekst nieuw artikel 20b cao voor de bouwnijverheid

(Aanvullende) Regeling onwerkbaar weer

1. Artikel 20a is onverkort van toepassing, tenzij hiervan in dit artikel nadrukkelijk wordt afgeweken.

2. De werkgever is bij weersomstandigheden, waaronder of ten gevolge waarvan niet kan worden gewerkt, gehouden aan de werknemer het vast overeengekomen loon of salaris door te betalen. Deze weersomstandigheden kunnen geen reden zijn voor het geven van ontslag.

3. De hiernavolgende leden van dit artikel gelden

• voor het tijdvak lopende van de eerste maandag in november van enig jaar tot en met de laatste vrijdag in maart van het daarop volgend jaar (hierna te noemen: winterseizoen) én

• voor zover vanwege of ten gevolge van vorst niet wordt gewerkt.

4. a. Als vorstdag wordt beschouwd een werkdag in een winterseizoen waarop vanwege vorst niet wordt gewerkt en die voldoet aan minimaal één van de volgende normen:

• de gemeten temperatuur is tussen 00.00 uur en 07.00 uur lager geweest dan -3° Celsius dan wel

• de gemeten temperatuur is om 07.00 uur en om 10.00 uur daaropvolgend -0,5° Celsius of lager dan wel

• de gemeten temperatuur is om 10.00 uur -1,5° Celsius of lager dan wel

• de gevoelstemperatuur is om 10.30 uur volgens de KNMI-meting van 10.00 uur -6,0° Celsius of lager. Hierbij hoeft geen sprake te zijn van vorst.

b. Voor het vaststellen van een norm uit lid 4a is bepalend de meting van het KNMI-weerstation in het postcodegebied waarin het werkobject, waar de werknemer werkzaam is of zou zijn, zich bevindt.

c. Als vorstdag wordt eveneens beschouwd een werkdag waarop wegens de gevolgen van vorst niet wordt gewerkt, en wel onder de volgende voorwaarde: indien na een periode van minimaal 3 achtereenvolgende werkdagen een vorstnorm, zoals beschreven in lid 4a, is gehaald, kunnen maximaal 2 direct daarop aansluitende werkdagen worden beschouwd als vorstdagen. Hiertoe is het niet noodzakelijk dat op die 2 direct daarop aansluitende werkdagen een vorstnorm is gehaald.

d. Voor infrabedrijven kunnen weekenddagen eveneens als werkdagen in de zin van dit artikel worden beschouwd. Hiervoor gelden de volgende voorwaarden:

• de werkgever moet aantonen dat hij deze dagen tenminste veertien dagen van tevoren had ingepland én

• de werkgever moet aantonen dat de opdrachtgever in besteksbepalingen eist dat er op weekenddagen wordt gewerkt.

5. Het risico van vorst moet per werknemer gedurende de eerste 22 vorstdagen in een winterseizoen voor rekening van de werkgever komen.

6. Voor de vorstdagen in een winterseizoen boven het aantal van 22 geldt dat de werkgever –

in afwijking van artikel 7:628 BW, artikel 20a en lid 2 van dit artikel – het loon of salaris niet doorbetaalt op vorstdagen, zoals genoemd in lid 4 sub a en c van dit artikel.

7. Voor de vorstdagen in een winterseizoen boven het aantal van 22 kan de werkgever namens de werknemer bij het UWV een WW-uitkering volgens de wettelijke voorziening aanvragen.

8. De werkgever is gehouden aan de betrokken werknemer een aanvulling op de WW-uitkering te betalen tot 100% van het vast overeengekomen loon/salaris. Indien een prestatiebevorderend systeem van toepassing is, zoals bedoeld in artikel 33, dient het vast overeengekomen loon te worden vermeerderd met de gemiddelde prestatiepremie van de overige dagen in de betreffende betalingsperiode waarin het verzuim valt, dan wel indien het verzuim de gehele betreffende betalingsperiode omvat, het gemiddelde over de voorgaande betalingsperiode.

9. De werkgever is verplicht te voldoen aan de bijdrage- en premieverplichtingen jegens de werknemer aan de in artikel 55 en 57a genoemde fondsen.

10. Indien de werkgever geen gebruik maakt van de wettelijke voorziening of de aanvraag door het UWV wordt afgewezen, is lid 2 van dit artikel onverkort van toepassing.

11. Van iedere vorstdag in een winterseizoen doet de werkgever conform de uitvoeringsvoorschriften melding bij het UWV middels het daarvoor bestemde meldformulier van UWV alsmede het specifieke bouwformulier.

12. Ter zake van een vorstdag die bij het UWV wordt gemeld, geldt dat een werknemer op die gehele dag geen (vervangende) werkzaamheden mag verrichten. Bovendien dient de werknemer door zijn werkgever te zijn bericht die dag niet op het werk te hoeven verschijnen dan wel door zijn werkgever daadwerkelijk naar huis te zijn gestuurd.

13. De werkgever is gehouden te voldoen aan alle (uitvoerings)voorschriften die in het kader van onderhavige regeling gelden. Deze voorschriften zijn te vinden op de websites van UWV en cao-partijen. Op een correcte naleving hiervan wordt streng gecontroleerd en bij constatering van oneigenlijk gebruik en/of misbruik zullen sancties volgen.

 

 Vorst WW: UWV gaat vanaf 13 februari strenger controleren!

De afgelopen vorstperiode hebben bedrijven massaal vorstdagen gemeld aan UWV. UWV heeft daarbij geconstateerd dat veel meldingen onjuist, onvolledig of niet tijdig werden aangeleverd.

Bedrijven die dergelijke meldingen hebben gedaan, hebben van UWV hierover niet of niet altijd een terugkoppeling gekregen. Dat zou betekenen dat – indien de vorstperiode gedurende deze winterperiode langer dan 22 vorstdagen gaat duren – veel bedrijven uiteindelijk onterecht een Vorst WW-uitkering zullen aanvragen. Zij zijn immers in de veronderstelling dat de door hun gedane vorstmeldingen geldig zijn, terwijl sommige van die meldingen formeel ongeldig zijn op grond van die onjuiste, onvolledige of te late melding.

Voor de achterliggende vorstperiode is UWV coulant geweest met de beoordeling van foutieve of te late meldingen. Echter, met ingang van 13 februari zal UWV de uitvoeringsbepalingen van de Vorst WW-regeling voor de bouw strikt gaan hanteren. Dat betekent dat vanaf dat moment meldingen die onjuist of onvolledig zijn ingevuld zonder meer als ongeldig zullen worden beschouwd. Dit geldt eveneens voor meldingen die te laat bij UWV zullen binnenkomen. Meldingen die alsnog met terugwerkende kracht zijn of worden gedaan, worden in geen geval behandeld en gelden dus zonder meer als ongeldig.

Bedrijven die een foutieve, onvolledige of te late melding versturen zullen ook vanaf 13 februari niet of niet in alle gevallen hierover een terugkoppelingsbericht van UWV ontvangen. Zij lopen dus het risico dat de aanvraag voor een Vorst WW-uitkering vanaf de 23e vorstdag niet zal worden gehonoreerd.

Wij willen u daarom nogmaals wijzen op belangrijke informatie ten aanzien van de procedure voor vorstmeldingen aan UWV. De onderstaande punten zijn daarbij van extra belang:

·           In het ingekaderd gedeelte op het eerste blad van het bouwspecifiek meldformulier staat belangrijke informatie; bedrijven dienen hier goed notie van te nemen.

·           Het UWV-meldformulier en het aanvullend bouwspecifiek meldformulier moeten allebei  op iedere dag waarop verzuimd wordt, ingestuurd worden (ondanks de informatie op het uwv-formulier omdat die info bestemd is voor alle overige sectoren).

·           Beide meldformulieren moeten ingestuurd worden op de dag dat er niet gewerkt kan worden. Nu komen formulieren soms ook te vroeg binnen. (bijv. melding op de 8e met ingang van de 9e).

·           De formulieren dienen bij voorkeur per e-mail te worden verstuurd; voor het aanvullend bouwspecifiek meldformulier geldt dat deze na invulling als een Word-bestand of als een pdf-bestand moeten worden aangeboden. Dat vergemakkelijkt de controle door UWV. Als het niet anders kan is verzending per fax ook mogelijk.

·           Het onderwerp in de e-mail moet beginnen met BOUW en vervolgens de postcode van het werkobject. Bij verzending per fax moeten deze gegevens worden vermeld in de aanbiedingsflap of handmatig worden ingevuld bovenaan het eerste blad.

·           Bij het werkobject moet zowel de postcode als de straat + huisnummer, of de exacte locatie van het werkobject omschreven zijn. Als het een nieuwbouwwijk betreft dan dient de werkgever zo exact mogelijk te omschrijven waar het werkobject zich bevindt om controle mogelijk te maken.

·           Op de formulieren dienen o.a. aansluitnummers en overige codes te worden ingevuld. In ieder geval moeten naam werkgever, loonheffingnummer, inclusief sector OSV en risicopremiegroep worden ingevuld.
De Code sector OSV en Risicopremiegroep maken onderdeel uit van een 'langer' loonheffingnummer dat werkgevers van de Belastingdienst gekregen hebben.
Zie hiertoe de info hierover van de Belastingdienst: http://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/bldcontentnl/belastingdienst/zakelijk/internationaal/ personeel/loonheffingen_inhouden/loonheffingen_berekenen/premie_wga/sectoraansluiting
Zie ook  de tabel waaruit werkgevers zelf deze codes kunnen halen:
http://download.belastingdienst.nl/belastingdienst/docs/handboek_loonheffingen_2011_lh0221t11fd.pdf

·           De vermelding van het werkobject, de naam van het KNMI-weerstation alsmede het aanvinken van de gehaalde vorstnorm zijn voor UWV essentiële vereisten om ook daadwerkelijk een controle te kunnen uitvoeren. Ontbreken deze gegevens op het formulier, dan is de vorstmelding zonder meer ongeldig. Dat geldt eveneens voor de namen en BSN-nummers van de werknemers namens wie de melding wordt gedaan.

·           Het aanvullend bouwspecifiek meldformulier moet ondertekend zijn door de werkgever.

·           Formulieren moeten voor de gestelde tijdstippen bij UWV binnen te zijn; deze tijdstippen zijn afhankelijk van het moment waarop de vorstnorm is gehaald. Is men te laat met inzenden (na resp. 09.00 uur en 11.00 uur) dan worden deze melding ongeldig verklaard. Ziet men dus aankomen dat aanlevering niet op tijd gaat lukken dan heeft het geen zin om de formulieren alsnog in te sturen.

Van bovenstaande elementen is gebleken dat deze veelvuldig foutief of onvolledig worden aangeleverd. Uiteraard geldt dat ook aan de overige voorwaarden en eisen voldaan moet zijn voor een geldige melding.